|
traag lezen
|
|
radend lezen (woorden vervangen, weglaten, verkeerd lezen)
|
|
moeite met bepaalde klanken, zoals het onderscheid tussen uu-ui-eu
|
|
veel spelfouten
|
|
moeite met het automatiseren van ei-ij, i-ie, ch-g onderscheid
|
|
b-d omkeren in lezen en schrijven
|
|
geheugen- en automatiseringsproblemen, bijvoorbeeld in het aanleren van de tafels, het onthouden van namen, dagen en maanden van de week, woordjes leren in de vreemde talen, moeite met het echte "stampwerk"
|
|
moeite met het tegelijkertijd uitvoeren van taken, bijvoorbeeld een les of college volgen en tegelijkertijd schrijven, een gesprek voeren met meerdere mensen tegelijk, leren in een onrustige, afleidende omgeving, luistertoetsen, waarbij snel en onder tijdsdruk gewisseld moet worden tussen, luisteren, lezen, ophalen informatie uit het geheugen en beantwoorden van de vraag
|
|
moeite met het organiseren, plannen van de activiteiten, makkelijk te laat komen etc.
|
|
grote weerstand tegen lezen en schrijven
|
|
faalangst
|
|
vaak vermoeid en hoofdpijn na lezen
|
|